Een jaar in Amerika

Als alles volgens plan was gegaan was ik ongeveer nu uit Amerika terug gekomen, in plaats van vier maanden geleden. In de afgelopen maanden zouden het lente seizoen van atletiek, Spring Break, graduation en prom zijn geweest, Mijn ouders zouden op bezoek komen en we hadden met de familie nog een aantal leuke dingen gepland.

Door het coronavirus ging dat allemaal niet meer door. Eerst ging de school dicht en stopte het atletiek seizoen, daarna werd een voor een alles afgelast en half maart moest ik terug naar Nederland.

Het is natuurlijk heel jammer dat ik al die leuke dingen heb gemist, maar ik heb wel gewoon acht maanden in New York gewoond waarin ik heel veel mensen heb leren kennen en nieuwe dingen heb kunnen meemaken.

Toen ik net aankwam kende ik niemand, ik had geen idee hoe ik zou wonen en hoe het zou zijn op school. Gelukkig kwam ik bij een heel leuke familie, we gingen naar New York City, een outdoor museum, en ze hebben me de dorpjes in de omgeving laten zien.

Voor het schooljaar begon had ik ook al een paar mensen van school ontmoet en kon ik voor het hockeyteam spelen. We gingen naar verschillende toernooien en ook al verloren we bijna alles, het was heel gezellig en leuk om mee te maken!

In Oktober ben ik met een paar vriendinnen naar een concert van Post Malone geweest. We gingen met de trein naar New York City en hebben daar met z’n allen gegeten voor we naar Madison Square Garden gingen. De sfeer daar was heel bijzonder en het concert was super gaaf!

Rond deze tijd wisselde ik ook van gezin. De familie waar ik tot nu toe bij woonde was namelijk niet voor het hele jaar. Mijn nieuwe gezin was totaal anders: typisch Amerikaans. Daar moest ik wel even aan wennen maar na een paar weken voelde ik me weer helemaal thuis.

Dit gezin was Christelijk, ze gingen elke week naar de kerk en voor het eten werd er gebeden. Met Thanksgiving heb ik de hele familie leren kennen, en met Kerst en Oud en Nieuw kwam iedereen weer samen. Het was heel bijzonder om deze feestdagen mee te maken op z’n Amerikaans.

In het winterseizoen heb ik met mijn gastzusje atletiek gedaan. De wedstrijden hiervoor waren in The Armory, een atletiekbaan in Manhattan. Hierdoor kwamen we bijna elke week wel in de stad. In deze periode heb ik ook bedacht dat ik ooit de halve marathon van New York wil lopen. Of dat ooit gaat lukken weet ik niet, maar het is weer een mooi doel om naartoe te werken 🙂

Vlak na het einde van dit seizoen kwam het coronavirus. Alles ging ineens heel snel, een paar weken later was ik terug in Nederland.

Ik heb een paar heel leuke dingen gemist, maar ik vind zelf dat ik de belangrijkste dingen wel heb meegemaakt: een jaar bij een ander gezin wonen, een andere taal spreken, en naar een Amerikaanse High School gaan. Niet elk moment was leuk en makkelijk, maar ik zou het zo weer over doen!

8 dingen waar ik anders tegenaan kijk

Sinds ik terug ben uit Amerika zie ik alles in Nederland net even anders. Soms als ik ergens een opmerking over maak zeggen mijn ouders ook: ‘je kijkt als een Amerikaan.’

  1. Ik ben in New York gewend geraakt om altijd bergen op de achtergrond te zien, dus als ik nu over het platteland rijd ziet alles er heel erg plat uit. Achter de bomen die er staan is niks, afgezien van de windmolens die overal bovenuit steken.
  2. De wegen in Nederland zijn heel erg goed. In Amerika zitten er overal hobbels en scheuren in de weg maar hier is het gewoon helemaal glad en het verkeer is efficiënt, je hoeft hier niet vaak voor een stoplicht te wachten als er niemand anders is.
  3. Sinds ik terug ben moet ik ineens weer telkens een jas aandoen. In Amerika heb je dat niet vaak nodig aangezien je van huis de auto ingaat en van de auto bijvoorbeeld de supermarkt in. Je komt nauwelijks buiten. In Nederland is dat wel even anders nu ik alles weer op de fiets doe!
  4. De supermarkten zijn hier heel anders. In plaats van veel grote schappen met heel veel van elk product is er van alles wat minder, de winkels zijn veel kleiner en je hebt hier bijvoorbeeld geen warme maaltijden en gepersonaliseerde taarten.
  5. De stad ziet er nu ook anders uit. In plaats van de wolkenkrabbers van New York heb je hier gebouwen van meestal drie verdiepingen, en de meeste gebouwen zijn best wel oud. In New York heb je in sommige gebieden natuurlijk ook wel oudere gebouwen maar waar je ook bent, de wolkenkrabbers zijn heel aanwezig.
  6. Het valt me nu ook ineens op hoe schoon en opgeruimd alles is, hierdoor ziet het er uit als een veel rijker land. In Amerika wordt er door de lage belasting veel minder opgeruimd door de overheid en daardoor ligt overal troep.
  7. Amerikanen zijn enorm trots op hun land. Dat hoor je door de manier waarop ze praten, met feiten en minder kloppende dingen zeggen ze bij alles hoe goed ze het hebben en hoe geweldig het land is. Daarnaast zie je het vooral doordat overal de Amerikaanse vlag hangt, dat zie je in Nederland nauwelijks.
  8. Wat me ook ineens opvalt is dat veel mensen hier best wel lang zijn. In New York was ik een van de langste meisjes, en ook de meeste jongens waren niet veel langer dan ik. Dat is hier zeker niet zo!

Deze dingen waren natuurlijk allemaal ook al zo voor ik vertrok maar doordat ik nu aan Amerika ben gewend zijn al deze heel normale dingen ineens best wel raar geworden.

Ik ben nu ook wel benieuwd naar hoe ik het ga vinden om in een Nederlands restaurant te eten. Dat kan voorlopig nog niet maar ik verwacht dat dat, net als bijvoorbeeld school, ook heel anders gaat zijn.